donderdag 18 juni 2009

Zieleroerselen

Ik las je weblog. PUNT. Een hardere punt had ze niet kunnen laten vallen.
Meteen vroeg ik me af waar die punt dan voor stond.
Dat werd al snel duidelijk toen ze zei dat ze verbaasd was dat ik al die persoonlijke dingen het internet opslingerde. "Daar was jij toch nooit van?" vroeg ze.
Ik wist meteen wat ze bedoelde en ik voelde ook meteen de behoefte om me te verantwoorden. Maar dat deed ik niet. Ik lachte het wat weg.
Nu, even na het gesprek, vraag ik me af waarom ik eigenlijk mijn hele hebben en houden op het internet deel met ..., tja met wie eigenlijk?
Ooit had ik een ex en die maakte er de gewoonte van om zijn hele leven te etaleren op internet en zelfs een hele intieme trouwsite te maken. Daar hebben we toen vaak lol om gehad. En we verbaasden ons regelmatig over zoveel openheid en de vele fotos.
En nu doe ik mee aan die poppenkast. Al voelt het anders. Ik noem geen namen, ook niet die van mezelf. Ik plaats geen foto's van mezelf of bekenden. Ik beschrijf geen weekenden etc. Ik probeer een beetje anoniem te blijven. Maar wat is die anonimiteit waard als je bekenden weten van je site en dus ook al je zieleroerselen kunnen lezen?
Ik weet het dus even niet. Waarom doe ik dit ookal weer, wat is er leuk aan?
Ik vind het heerlijk om te schrijven en geniet van de feedback die ik daarop van anderen krijg. Daarnaast voelt het soms als een soort verwerking om dingen op die manier te uiten. Niet alleen voor mezelf, maar gewoon met alles en iedereen. Alleen was het idee dat ik had dat "iedereen" vooral onbekenden zouden zijn.
Dus nu voelt het een beetje alsof ik mezelf teveel laat zien. Halfnakend de containers bij de weg zetten, dat idee.
Ik ga erover nadenken. Wie weet volgen alleen nog oppervlakkiger stukjes. Maar misschien....misschien heb ik gewoon wel 'Scheisse aan alles' en gooi ik alles als vanouds weer op het net.
Wordt vervolgd.

woensdag 17 juni 2009

Het begin

Het begin. Ik vind het mooi om daarover te vertellen. Dus dat doe ik.
Hoe het begon?
Best gek eigenlijk. Want het begon niet echt.
Ik was op stap met mijn lieve vriendinnetje NM om mijn zinnen te verzetten. Oma was net begraven en de ex had net de relatie beëindigd (min of meer met mijn instemming). Kortom, ik had me wel eens beter gevoeld.
Daar stonden we dan. In één van de kringloopwinkels van mijn stadje. Weer dezelfde mensen als de laatste keer. Iedereen op zoek. Maar ik niet. Ik had mijn buik wel even vol van mannen... Wilde gewoon een leuke tijd hebben. Dus wat doe je dan? Raad het beroep natuurlijk!
NM en ik scanden de kroeg en bedachten bij een man die alleen stond dat hij vast iets creatieverigs moest doen. Wat het precies was, weten we helaas allebei niet meer. Die man bleek X te heten en best creatief te zijn, maar daar niet zijn werk van te hebben gemaakt. Toen we even met hem stonden te praten kwam zijn vriend aanlopen, waarschijnlijk was ie even naar het toilet geweest. We raakten aan de praat en ik raadde zijn beroep helemaal niet goed. Zijn naam had ik bijna goed ;-)
Andersom bakten ze er ook niets van. Secretaresse...dat dachten ze van mij. En als naam had hij bedacht dat ik vast Desiree heette ofzo. DESIREE!!! Hoe kun je het bedenken? Zie ik er zo tuttebollerig-ordinairderig uit? Kennelijk.
We kletsten maar raak. Vooral omdat hij een vriendin had en er dus geen extra lading was. Tenminste dat was de bedoeling. En dat lukte prima. Hij was off-limits. En ik ook. Toen we even gingen snacken deed hij heel kort zijn hand op mijn rug om me een zetje te geven. En heel heel even flitste er door mijn hoofd dat ik misschien best wel met hem wilde zoenen.
Hoe kon ik dat nou denken? Ik had in mijn leven nog maar met 3 (ja maar 3) mannen gezoend, dus zo bedreven was ik niet op het veroveringsterrein. Maar het voelde zo lekker om na de ex te merken dat ik open kon staan voor nieuwe mensen. En dat al na een week! Geen wonder, als je bedenkt dat ik al heel lang probeerde te stoppen met hem, maar dat geheel terzijde.
Maar goed, niets gebeurd die avond. Maar wat was ik al onder de indruk! Ik dacht aan hem. En ik weet niet precies waarom. Was het zijn openheid, stoerigheid, charme, intelligentie, uitstraling, lievigheid? Of gewoon alles tegelijk?
Ik had hem en zijn vriend bij hem thuis afgezet en zag de volgende dag dat er een peuk lag waar hij in de auto had gezeten. De mister X peuk. Die bleef liggen als aandenken aan een hele leuke avond.
Later in de tijd kregen mister X en ik meer en meer contact via internet. Hij was mij ook niet vergeten. Er was iets tussen ons. En hij was niet gelukkig met zijn meisje. Toen hij bij haar weg was hebben we voorzichtig eens afgesproken.
En toen... toen kwam hij met een kleinigheidje naar me toe.
Nadat mijn oma stierf had mijn moeder gezegd dat ze aan oma had gevraagd wat geluk en een leuke man mijn kant op te sturen. En ze wist zeker dat oma dat wel voor me zou regelen. Een heerlijk idee.
Toen mister X met een doosje Merci aan kwam zetten was ik van slag. Oma had nooit meer iets in huis omdat ze nauwelijks at en eten kreeg van het tehuis waar ze woonde...maar altijd had ze Merci. Als je bij oma kwam at je een Merci-tje. En daar stond hij, een stoere, mooie man met Merci.
Een signaaltje van oma. Een knipoog uit de hemel.
Sinds die dag is hij nooit meer uit mijn hoofd en uit mijn leven verdwenen. Een mooi begin van een mooi leven!

vrijdag 12 juni 2009

De poes


Ik heb een poes. Maar eigenlijk is het een ex-kater. En een bijzonder exemplaar, dat is het.
Zijn naam is Fero. Ooit was hij het 'liefdeskind' van mij en mijn eerste vriendje, en dus kozen we, totaal onbewust van het trieste gehalte van ons idee, voor een samentrekking van de eerste twee letters van onze beider namen.

De ex is vertrokken. Maar de poes is gebleven. Tja, zo'n naam verander je dan ook niet meer even. Dus al gauw werd meneer in het dagelijks spraakgebruik aangeduid met Veertje... vond ik ook wel grappig aangezien meneer niet bepaald de uiterlijke kenmerken vertoont van een veertje. Inmiddels is zijn naam zo gewend, en zo los komen te staan van de ex, dat hij gewoon als Fero door het leven sluipt.

Maar goed, een bijzonder exemplaar dus. Hij maakt er namelijk de gewoonte van om op zijn rug midden in de kamer te gaan liggen met zijn pootjes wijd. Een soort vloerkleedje vol vertrouwen.
Daarnaast is het een schijtert eerste klas. Hij is de grootste en meest imponerende poes van de buurt, maar gaat er altijd met de staart tussen de benen vandoor zodra een andere kat in zijn tuin komt. De rode kater van de overburen kan doodleuk uit het bakje van meneer eten terwijl hij hulpeloos toekijkt. En een vogel heeft ie nog nooit gevangen!
Mijn kersverse buurman, die nog niet eens in zijn huis woont, heeft ookal kennisgemaakt met Fero. Hij is er niet weg te slaan. De hele dag slijmen en aandacht trekken in de tuin. Gewoon omvallen en op de rug liggen in afwachting van geaai door een totaal onbekende.

Het leukste aan Fero is dat ie op me lijkt (al heb ik nog niet bij de buurman lopen slijmen).
Als ik mijn werkkleren, zwart met wit, aanheb, zijn we bijna een komisch duo. Daarnaast heeft ie dezelfde x-benen als het baasje. Bij mij aangeboren, bij hem het gevolg van een spelletje op de vensterbank in de flat (drie hoog) dat niet helemaal goed afliep. En qua karakter komen we ook aardig bij elkaar in de buurt. Allebei gezelligheidsdieren, angsthazen, dol op lui op de rug liggen, een beetje sukkelig, maar wel heel lief. Het enige verschil is dat ik er geen gewoonte van maak om op het aanrecht te piesen...

De mooiste foto

De mooiste foto die ik heb staat eigenlijk op een plaats waar hij helemaal niet hoort.
Het is een zwart-wit exemplaar van minstens 40 jaar geleden. Vergeelde randjes, het wit is meer beige geworden. Toen mijn oma stierf, heb ik het fotootje uit de stapel foto's gevist en meegepikt.

Op de foto zit mijn opa in kleermakerzit op het strand voor een bouwsel van gevonden planken. Het mooiste van de foto is dat hij het bikinitopje van mijn oma om heeft.

Waarom is dat nou de mooiste foto?
Mijn opa stierf toen ik acht maanden oud was. Echt gekend heb ik hem dus nooit. Toch betekent die foto heel veel voor me. Om meerdere redenen. Ten eerste omdat ik er een gekte in herken die ik zelf ook vaak tentoonspreid. Het soort gekte waarbij je een heel serieus gezicht trekt en verder gewoon je ding doet. "Scheisse aan alles" zeg maar. Opa kijkt heel serieus en laat zijn hand met peukje mooi op zijn been rusten. Hij kijkt ook niet in de camera. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is dat hij daar in het topje van oma zit.

De tweede reden dat ik de foto zo prachtig vind is de entourage. Hoe vaak hebben wij niet allerlei dingen op het strand van Texel verzameld om winkeltjes, hutjes, bootjes te bouwen? En wie nam dan het initiatief? Mijn vader, de zoon van opa. Dat waren prachtige dagen, de hele dag in het zand met mijn vader, moeder en broertje.

Een andere reden dat het fotootje zoveel voor me betekent is dat ik mijn vader in mijn opa herken. Die twinkeling in de ogen, die zo eigen is aan onze familie. Binnenpretjes in combinatie met een serieuze inslag. Ook speelt mee dat oma altijd zo liefdevol over opa sprak. Het moet een bijzondere man zijn geweest.

Eigenlijk symboliseert dat fotootje wie en wat ik ben. Mijn achtergrond spreekt eruit. En ik heb altijd een blij en trots gevoel als ik er naar kijk. Misschien toch tijd om hem te vergroten, of op zijn minst een mooier plaatsje te geven...

Your best just wasn't good enough

"Ik ging er helemaal voor", zei je.

Waar was je dan als er iets in en om mijn huis moest gebeuren?
Waar was je dan als ik bang was om je kwijt te raken?
Waar was je dan als ik met je wilde praten om onze verschillen te begrijpen?
Waar was je dan als ik verdriet had?
Waar was je dan als ik naar mijn familie wilde of moest?
Waar was je dan als mijn vrienden zich voor je openstelden?
Waar was je dan als ik veiligheid nodig had?
Waar was je dan toen je bewust afstand van me nam?
Waar was je dan toen je zag dat ik er aan kapot ging?
Waar was je dan toen ik ziek was?
Waar was je?

Als je zonder al die ontzettend belangrijke dingen er al 'helemaal voor ging', wil ik niet weten hoe het is als je er maar een beetje lafjes voor gaat. Jouw 'er helemaal voor gaan' is gewoon niet goed genoeg voor mij. Een belangrijke, zware les om te leren...

donderdag 11 juni 2009

Knoffelen


Daar staan ze dan. Onder aan mijn benen, op de grond. Mijn rode hakken.
Ze zijn prachtig. Übersexy ook, in mijn ogen. Ik krijg er de mooiste benen en voeten van. Ze stralen me gewoon tegemoet.

Maar O!, wat doen ze toch pijn aan die poezelige voetjes van me.
Geen zooltje kan het leed verzachten.
Zolang ik zit, lijkt het heel wat. Alleen niemand die het ziet, aangezien ik de hele dag alleen in mijn werkkamer zit.

Maar zodra ik aan de wandel ga is het übersexy gehalte van mijn rode duivels als sneeuw voor de zon verdwenen. Van lopen is geen sprake. Het lijkt meer op "knoffelen". Dat is het enige woord dat in me opkomt om mijn gestrompel te omschrijven. Vanochtend leek het nog wel wat, Fem op haar rode schoentjes onderweg naar de koffiemachine, kittig en wel. De complimentjes waren niet van de lucht. Inmiddels zit ik hier zwaar te verpieteren, want die wandeling durf ik niet meer aan.

Helse pijnen doorsta ik inmiddels. En waarom? Voor de looks... ik geef het toe. Het oog wil ook wat, toch? "Wie mooi wil gaan, moet pijn uitstaan", dat was altijd het devies al toen vroeger veel te strak vlechtjes in mijn haar werden gedaan. Maar daar werd de pijn juist steeds draaglijker. Nu niet. Bij elke stap die ik zet voel ik mijn voetjes meer aan gruzelementen gaan. De komende dagen noodgedwongen op gympies, vrees ik [en dus alles behalve sexy, daar kan geen porno-sjaaltje tegenop].

Ik doe daarom een oproep aan schoenenontwerpend Nederland. Maak sexy schoenen waarin je toch op wolkjes loopt en maak het vrouwelijk deel der natie dolgelukkig!

Ze heet P

Ze heet P. Ik ken haar nog geen jaar, maar ik ken haar al mijn hele leven. Beter gezegd, we kennen elkaars hele leven.

Het was augustus 2008 en ik moest in mijn eentje naar een feestje waar allemaal stelletjes zouden zijn. Niet zoveel zin in dus. Ik kwam op de damesbank terecht tussen oude bekenden. Maar er was één nieuwe ster aan het firmament. De vriendin van een vriend van de gastheer. Leuk fris ding om te zien. De blonde haartjes strak in de plooi en een stel pittig, stralende ogen in het gezicht. Leek wel leuk. En dat was ze ook. Lekker kletsen en beppen...de avond vloog om. Ik had meteen het idee dat we vriendinnen zouden worden.

Na een mailtje over hyves dat ik haar wel een leuke meid (volgens haar een leuk 'wijf') vond en dat we maar eens wat moesten gaan drinken, werd er een afspraak gemaakt. Later begreep ik van haar dat haar zusjes dachten dat ik van de damesliefde was. Skitterend!

P is nu - met stip op één - mijn meest hechte vriendin. Altijd is ze er voor me en snapt ze mijn idioterietjes. Zwart-wit zijn we allebei, dus als we weer eens de kolder in de kop hebben weten we van elkaar dat het de volgende dag wel weer totaal anders kan zijn. Wat, de volgende dag? De volgende minuut mogelijkerwijs. Nooit saai dus!
Allebei bezig de wereld en onszelf te ontdekken. Maar ook allebei bewust van wat we waard zijn.

Tis de fruitigheid.

Wat ben ik blij dat ze in mijn leven is gekomen. Een vriendin waarvan ik weet dat ze er gewoon altijd zal zijn.

P weet nu alleen even niet zo goed wat ze waard is. Kan gebeuren. Iedere vlinder fladdert wel eens wat minder hard. Daarom nog even een reminder!
P, je bent fris, fruitig, slim, guitig, stralend, flink, dapper, wijs, leergierig, gezellig, behulpzaam, een doorzetter, een lachebek, mooi, lief, grappig, interessant, zorgzaam, open, spontaan, lekker gek, en allerlei andere dingen aan de positieve kant van het spectrum. Maar één ding ben je niet. Dan moet ik je teleurstellen. Hier komt ie. Je bent geen bitch...al doe je nog zo je best ;-)

woensdag 10 juni 2009

Anderhalf jaar tot mijn 30ste

Ik ben bloggen zo leuk gaan vinden dat ik af en toe gewoon nieuwtjes zoek om weer wat over te schrijven. Natuurlijk stikt het van de nieuwtjes waar je wel iets over kunt zeggen. Maar te gezocht moet het ook weer niet worden en ik wil ook niet schrijven om het schrijven.
Maar goed, tijdens mijn laatste speurtochtje naar wat nieuws belandde ik, zoals vaker, op nu.nl.
Lekker overzichtelijke site. Het meest opmerkelijke nieuws vind ik meestal niet eens onder de kop 'opmerkelijk' (al vind ik het best opmerkelijk dat een Belgische leraar examenvragen steelt voor zijn dochter en dat een man voor de tweede keer moeder is geworden, maar dat geheel ter zijde) maar onder de kop 'achterklap'.

'Achterklap'. Een briljant gevonden woord voor de afdeling van de site waar het gaat om showbizz nieuwtjes. Roddel en achterklap. Daar hebben we het over. Heerlijk. Maar datgeen waar vandaag mijn donshaar van overeind ging staan is geen roddel. Het is weer eens een citaat uit een intervieuw van een zogenaamde BN-er aan een glossy. Dit keer maakt Chantal Janzen het bont.

Chantal Janzen is zowiezo niet mijn favoriete BN-er, laat ik daar eerlijk over zijn. Echt veel goed doen, kan ze niet bij mij (zo begrijp ik ook TOTAAL niet waarom zo'n muts als meest sexy moeder wordt verkozen, huh!). Misschien komt het door haar popperige hoofdje in combinatie met het 'achter de ellebogen' gevoel dat ik misselijk wordt zodra ik die oververzorgde pony van haar in beeld zie opduiken? Ik denk het. De enige keer dat ik haar een beetje kon waarderen was bij het Televizier gala, toen ze (mijn andere favoriete BN-er, NOT), Fatima Moreiro de Melo een sneer gaf. Heerlijk, catfight!!!

Enniewee, Chantal Janzen gaf een intervieuw aan het blad Mama. Nooit van gehoord natuurlijk, maar dat zal wel zijn omdat ik zelf nog niets gebaard heb. Chantal heeft namelijk een zoon. James. Geef het een internationale naam, het gaat zich vast op een internationaal podium begeven. Tuurlijk schat.

Terug naar het punt. Chantal zegt dat, als ze morgen dood gaat, ze alles wat ze wilde doen al heeft gedaan.

Laat dat maar even op je inwerken. Chantal, 30 jaar, huppelmoeke eerste klas; heeft alles wat ze wilde doen in het leven al gedaan. Ik heb een tissue gegrepen om zoveel treurigheid weg te poetsen. De stakker. Alles al beleefd wat ze uit het leven wil halen. Op haar dertigste. Niets meer om voor te leven dus? Behalve dan de zorg voor James?

HOE KUN JE NOU OP JE 30STE ALLES AL GEDAAN HEBBEN WAT JE WILT?
Er zijn in mijn ogen drie mogelijkheden.
1) Chantal wil errug weinig in het leven
2) Chantal wil een interessante quote aan een tijdschrift geven
3) Chantal wil iedereen laten weten hoe geweldig haar leven is en dat al ze zovéél heeft bereikt (wat dan?)

En het juiste antwoord is?:
1, 2 én 3
Wat een troelala drie keer in de rondte van je hopsasa zeg!

Ik heb het gevoel dat ik nog moet beginnen met de dingen die ik wil van het leven.
Hier komt alvast een opsomminkje:
- trouwen (ouderwets)
- moeder worden (suf?)
- in een MK met KM
- naar New York, Londen, Barcelona, Rome, Parijs en Florida
- heel goed leren skiën
- nog beter leren tennissen
- een schilderij verkopen voor een dikke smak geld
- misschien ooit een expositie zelfs
- promoveren
- de 11stedentocht fietsen
- oma en oud worden
- een goede vriendin blijven
- mijn gekte behouden
- in het 'nu' leren leven

Ik zeg, dat lukt niet binnen nu en anderhalf jaar. Dus Chantal is me dik voor. So be it. Ik wil altijd wat te dromen houden. Ook dat kan wel in mijn lijstje.

Revanche of a nerd

Daar stond ie, bij de botsauto's. Hij keek wat schuchter om zich heen. Handen in de zakken, als ik het me goed herinner. Ik was op slag verliefd. Geen idee wie hij was, wat hij deed, maar ik was verliefd.

We schrijven 1993. Gewoon al meer dan een half leven geleden. Maar ik weet het nog zo goed. De verliefdheid ging ook niet zomaar over. Die werd van alle kanten gevoed. Hij bleek een vriend te zijn van het groepje jongens waar ik en mijn vriendinnetje bij omhingen. Ik als wormvormig aanhangsel dat haar tong was verloren, zij als stralend middelpunt van de aandacht. Zo nu en dan kwam hij eens langs en werd ik week in de knietjes. Wat was ie leuk, en zo knap!

Toen ik hoorde dat hij ging verhuizen en bij mij in de wijk kwam wonen, dacht ik: dit is het lot! En dat hij ook nog bij me op school kwam, dat moest helemaal een zegening van boven zijn! Zodra ik de kans kreeg fietste ik langs zijn huis. Hij sliep op zolder, dus als ik daar licht zag branden, zei ik zachtjes: "hoi JdeL" en fietste ik braaf weer door. Thuis droomde ik over hem en schreef ik mijn hele agenda vol met zijn naam.

Maar JdeL zag mij niet staan... De liefde bleef onbeantwoord. Achteraf niet gek, want ik zag er nou niet bepaald prachtig uit in de puberjaren. Hoog nerd-gehalte, zeg maar. Ook iets teveel schuimgel in mijn gepermanente haar en iets te veel puistjes rondom mijn plaatjesbeugel. Maar een rups wordt vaak een vlinder en inmiddels fladder ik met de nodige sjeu door het leven. Dus toen ik JdeL - inmiddels pokdaliger en kaliger dan toen, maar nog best schattig - tegenkwam in de kroeg, dacht hij ineens best een beetje anders over mij. Hij deed zelfs een poging om te zoenen, die ik natuurlijk niet beantwoordde, stoer als ik was. En toen hij vroeg waar ik na het stappen naar toe ging zei ik: Naar huis! En dat deed ik. Toen ik naar huis fietste voelde ik de warme gloed van triomf in mij borrelen. Ik denk dat de term: 'revanche of the nerds' nog dagen door mijn hoofd heeft gespookt. Heerlijk was het.

Later zijn we nog eens naar de film geweest. Ook best leuk, maar er gebeurde niks. De knikkende knietjes van jaren geleden waren er niet meer. Toch, in een moment van volslagen verstandsverbijstering ben ik 's nachts, na het stappen, een keer op zijn verzoek langsgefietst en hebben we gezoend. For oldtimes sake ofzo. De kolder in de kop.

Mocht er nog ergens een gevoel van zwakte in mijn lichaam hebben gezeten. Dat was op slag verdwenen toen hij zijn shirt uittrok, als gebaar dat meer aktie ook tot de mogelijkheden behoorde. Dat was niet de bedoeling! Ik schrok ervan! Dat ie dan ook nog stoppeltjes had doordat ie zijn borsthaar had geschoren leidde zeker niet tot verhoging van de feestvreugde. Ik wist niet hoe rap ik weg moest komen. Toen ie, nadat ik ongeveer vijf keer had gezegd dat we niet meer gingen doen dan zoenen, aan mijn riem begon te prutsen ben ik hem gesmeerd. Nee, behoorde niet geheel tot zijn vocabulaire, denk ik.

Achteraf leerde ik van iets ervarener vriendinnen dat het vrij logisch is dat je op onze leeftijd niet alleen maar even gaat zoenen bij iemand thuis en dat hij dus niet gek was dat hij hoopte op meer. Wist ik veel. Had daar gewoon geen zin in. Ga niet met de eerste de beste uit de kleren...

Nog altijd zo groen als gras, maar wel een ervarinkje rijker. Thanks JdeL.

dinsdag 9 juni 2009

Schuldgevoel

Mag ik zeggen dat ik Micky Hogendijk stom vind? Dat mag ik op zich zeggen, maar zou ik er ook de handen voor op elkaar krijgen? Waarschijnlijk wel, want zij is toch dat loeder dat het droomhuwelijk van Patries aan gort heeft geholpen?

Ik vind Micky alleen níet stom omdat ze een homewrecker eerste klas is. Dat kan gebeuren. "Alles wat aan is - kan uit", is een vast motto van mij en mijn vriendinnetje NM. En zo is het natuurlijk ook gewoon. Heel technisch bekeken ben ik ook een homewrecker eerste klas. Zo'n loeder dat bezette mannen inpikt. Doelbewust.
Natuurlijk ligt het in praktijk een stuk genuanceerder. De liefde laat zich niet leiden door regeltjes over trouw en ontrouw. De liefde gaat dwars door alles heen. Dus stom is Micky niet omdat ze een huwelijk om zeep heeft geholpen. Mogelijk is ze stom omdat ze op Adam Curry valt, maar ook dat is niet de echte reden dat ik nu graag op wil schrijven dat Micky Hogendijk stom is. Want dat is ze, en niet zo'n klein beetje ook.

Micky Hogendijk is stom omdat ze een intervieuw heeft gegeven aan een of andere glossy over het hele verhaal. Be-la-che-lijk! Nou vind ik het al getuigen van een groot gebrek aan klasse dat je over dergelijke privé zaken, waar in ieder geval Patries en haar dochter veel verdriet van hebben, uit de school klapt in een tijdschrift. Dus ben je zowiezo al stom. Maar de inhoud!!!! Die maakt van Micky Hogendijk de stomste van de week. Met stip op één!
Ze had er toen ze Adam kuste niet aan gedacht dat ie een dochter had, och, och, och. En nu heeft Mickey Hogendijk last van schuldgevoel. En nu wil Mickey Hogendijk daar graag vanaf en dus geeft ze een intervieuw. Een intervieuw om haar schuldgevoel weg te praten en net te doen of ze een hele lieve vrouw is.
En wat doet die troela tot overmaat van ramp? Die haalt een quote aan van Guusje Nederhorst. Iets over dat negatieve energie niet bestaat als je het niet tot je neemt, ofzo. Op zich heel wijs van Guus. Maar wat is Micky Hogendijk toch een gehaaide troela om nou net iets aan te halen van onze landelijke knuffelmoeder die helaas te vroeg is overleden. Misschien denkt ze dat wij daardoor denken dat ze vrienden was met leuke mensen en dat ze dus zelf ook wel leuk moet zijn?

Nou Micky Hogendijk, zo stom ben ik dus niet!
Houd je liever een tijdje gedeisd en toon respect voor de ex en de dochter van je zogenaamde droomman. Ken je plaats een beetje en wacht rustig af.
Of had je gewoon geld nodig?

Liefdesliedjes, klinken in mijn oren

Het doet alleen maar pijn als ik adem
Mijn hart breekt alleen als het slaat
Dus ik houd mijn adem in
Om te vergeten

Mooi stukje. Het is de vertaling van het refrein van een prachtig liedje van Shania Twain. Toen ik het gisteren voor het eerst sinds lange tijd weer eens hoorde op mijn oude laptop, nam het me mee terug naar de tijd waarin dit liedje me zo aansprak. Gelukkig is het liedje met uitzondering van juist het refrein nog steeds op me van toepassing. Want het gaat goed en het doet niet altijd meer pijn.

Wel deed het pijn toen ik daarna in mijn oude laptop een liedje van Phil Collins vond. Grijs gedraaid heb ik het. Come with me.

Come with me
Close your eyes
Hold my hand
It will be allright
Don't be scared
Don't be shy
Lift you head
It's gonna be allright

Even voelde ik weer alle warme gevoelens die ooit bij dit liedje hoorden en snapte ik niet waarom het misging. Maar toen kwam het volgende liedje uit de playlist.

When you try your best but you don't succeed
When you get what you want, but not what you need
When you feel so tired but you can't sleep
Stuck in reverse

And the tears come streaming down your face
When you lose something you can't replace
Or you love someone but it goes to waste
Could it be worse

Lights will guide you home
And ignite your bones
And I will try to fix you

Toen wist ik weer hoe eenzaam ik heel lange tijd was en hoe jij me hebt gefixt en blijft fixen. Alles is simpel. Jij en ik.

En dus zing ik af en toe tegen je:
Have I told you lately
That I love you?
Have I told you
There's no one else above you?
You fill my heart with gladness
Take away all my sadness
Ease my troubles
That's what you do!

maandag 8 juni 2009

Vasthouden

Eigenlijk kan ik beter schrijven over vasthouden dan over loslaten. Ik wil namelijk veel meer dingen vasthouden dan loslaten. Voordat ik mijn vasthouders ga opsommen een overzicht van wat ik wil loslaten:
- verleden
- kilo's
Dan nu het vasthouden, het volgende komt daarvoor in aanmerking:
- de twinkeling in mijn ogen
- het warme gevoel als ik aan jou denk
- mijn ouders en broer
- de liefste vriendin P
- mijn gekste vriendin A
- mijn stoerste vriendin NM
- al mijn andere leuke lieve gekke vriendinnen
- mijn grappige tante tiet
- de trapleuning als ik naar beneden loop
- mijn gekte
- het getiener
- mijn knorretje als ik ga slapen
- mijn plezier in tennis
- mijn onmetelijke enthousiasme
- mijn doorzettingsvermogen
- de mooie herinneringen aan oma
- de goede band met mijn familie
- mijn zin in het leven
- mijn humor
- mijn fruitigheid
- jouw hand door weer en wind
- het stuur als ik fiets
- de durf om mijn angsten te overwinnen
- mijn optimisme
- mijn zin om te schrijven!

Aanvullend bericht J&Y

Gelet op alle recentere publiciteit in het drama J&Y voel ik mij geroepen en genoodzaakt om nogmaals aandacht aan dit illustere duo te schenken. Wie kent ze niet? J&Y, leuk voor feesten en partijen. Muziekfeest op het plein, deden ze het ook leuk.
Of was 'J&Y' al genoeg om te weten over wie ik het heb? Natuurlijk! Want wie is er niet doodgegooid met alle geruchten uit dat schattige vissersdorpje vol achterlijke Wilders-stemmers? (Deze uitspraak wordt gestaafd door cijfers, niet alleen in Rotterdam willen ze Wild, ook in V'dam.)

Ik ben dik een week op vakantie geweest. Heerlijk bijgekomen van alle drukte van het klussen en de grote klap van het uiteengespatte sprookje van J&Y. Natuurlijk niet om meteen na terugkomst die overjarige hippe homo Albert als één van de eerste dingen in zijn dagelijkse programma te horen roepen dat J iets heeft met Lisa.

Een klap in mijn zongebruinde gezichtje! J was de dader, de aanstichter, de ontrouwe hond, de rat, de buiten de pot-pieser, de leugenaar, de stiekemerd, de sloerie uit de sloppen. Niet Y. Zij was zielig en heeft zo sierlijk mogelijk menig traantje weggepikt vol adoratie voor onze 'o zo gewone' volkszanger.

Hoe geef je zulk nieuws een plaatsje? Alle zekerheden worden onzeker. Als een 'gewone' man een vrouw als Y al bedondert, welke troelala is dan nog veilig voor ontrouwe mannen? Niemand toch? Y is toch 'god's gift to men'? Of dacht ik dat alleen maar omdat J en Y deden alsof dat zo was?
Ik ben in de war. En Y ook als je de berichten mag geloven.

Haar beste vriendin (die het o zo goed met haar voorheeft) vertelde aan Albert dat Y helemaal geen relatie heeft met Wesley. Ze zocht gewoon troost, hoorde ik tussen de zinnen door. En geef haar eens ongelijk. Heb je net een kampersparadijs met een hoofdletter K uit de grond gestampt in een vissersdorpje waar de gemiddelde Nederlander een lijntje coke voor nodig heeft om het daar uit te houden (en de plaatselijke jeugd trouwens ook), gaat je schatje-popje-liefje er vandoor met een boerentrien uut het dorp (die zelfs al een kind gebaard heeft)! Heb je net de nota voldaan aan de schilder (geen woordspeling in Volendam) die een wandschildering van jou en de spetter in de badkamer heeft geschilderd, staat ie met een ander te douchen! Heb je net je moedertje in een huuske in dat akelige dorp gepropt, kun je zelf weer verkassen naar de hoofdstad!

Ik zou ook de eerste de beste voetballer op zijn gezichtje springen. Zelfs als ie Wesley heet.
Y was de grootste troelala allertijden in mijn ogen. Een beetje troost gun ik zélfs haar onder deze barre omstandigheden. Én nog veel meer vriendinnen die J door het slijk halen voor het oog der natie. Smullen!

De triller

Ik heb een triller. Onder mijn neus, boven mijn lip, links, voor de kijkers rechts. De hele dag trilt de boel daar op en neer. Een zenuwtrekje? Ik snap er niks van. Heb ik nooit. Heb allerlei gezichtsgymnastiek toegepast, maar de triller blijft onverschrokken trillen.

Wat valt er nou te trillen, niks toch?
Is het de zitting van morgen?
Is het de housewarming van zondag waar ik de perfecte vriendin hoop uit te hangen?
Is het de verrassing voor X en de financiële aderlating die ik daardoor ga lijden?
Is het... tja, wat is het?
Volgens mij heb ik alleen maar leuke dingen voor de boeg. Nog nooit zoveel gezellige dingen in de planning gehad als nu. Maar die lip, die blijft maar trillen.

Gisteren had ik het nog met X over mijn idool. KM, van mijn oude werk. Een iets oudere vrouw met ontieglijk veel sjeu en klasse. Lekker chaotisch, maar wel aan de top, mét kunstnagels. Die had ook een triller. In haar wang. Standaard.
Volgens mij ga ik gewoon steeds meer op haar lijken en doet de triller al een deel van het werk. Dat zal het zijn. Ik tril mezelf naar de top!

Wil je hem zien? Wees dan zondag van de partij!

Loslaten

Ik wil loslaten, maar weet niet zo goed hoe. Hoe doe je dat?

Vroeger had ik al moeite met loslaten. En nu weet ik waarom. Ik hecht me als een dolle aan mensen, aan spullen, aan huizen. Zelfs aan kleren. Als kind groeide ik natuurlijk, net als alle kinderen. Dat had natuurlijk tot gevolg dat ik mijn kleren op een gegeven moment niet meer paste. Mijn moeder wilde zo nu en dan 'de kast even door' om te kijken wat nog paste en wat niet. Dramatische momenten waren dat. Ik kan me nog zo goed herinneren dat een door mijn moeder genaaide, blauw met witte jurk, te klein was geworden. Tranen met tuiten gehuild.

Toen ik uit huis ging, zelfde verhaal. Ik had voor mezelf de omstandigheden al zo ideaal mogelijk gemaakt. Gewoon iedere keer iets langer bij het toenmalige vriendje logeren. Totdat de spullen toch echt eens verhuisd moesten worden. Hoe vaak ik in die weken daarna niet snikkend op de bank heb gezeten omdat ik nu zo groot was geworden en omdat ik mijn ouders in de steek liet!

"Groot worden met horten en stoten", zo omschreef ik het altijd voor mezelf. Maar ik merk dat het niet alleen met groot worden te maken heeft. Het is gewoon hechten en loslaten. Ik ben net een soort zuignap. Zit ie vast, dan krijg je hem niet meer los. En zo is het ook met mij. Ooit heb ik gedacht altijd bij hem te blijven en op hem te passen. En nu doe ik dat allemaal niet. Nu weet ik niets van hem, heb geen idee hoe het gaat. En dat voelt soms gek.

Ondanks dat ik verstandelijk dolgelukkig ben dat ik niet meer met hem samen bent, ben ik nog niet helemaal onthecht. Gevoelsmatig kan het me nog steeds wel wat schelen of het goed met hem gaat. Maar dat wil ik niet. Ik wil me niet meer afvragen hoe het met hem en zijn familie is, of ze gezond zijn, of wat dan ook maar. Ik wil gewoon dat het met koud laat. IJskoud. Want dat verdient ie.
Vriendinnen zeggen dat het betekent dat ik een 'goed mens' ben. Ik denk dat ik gewoon een zuignap ben die heeeeeel rap moet leren los te laten.

Want loslaten zorgt ervoor dat je meer in het 'nu' kunt leven. En dat is mijn grote streven van de laatste tijd. Nu is nu en de rest is water onder de brug. Troebel water...

Tips zijn welkom!

donderdag 4 juni 2009

Weer thuis

Weer thuis. Een hoofd vol herinneringen, liefde, rust.
Ik word wakker van geschuur en doe mijn best om de slaap vast te houden. De schilder staat kennelijk al op de steiger om mijn huis een prachtige buitenkant te bezorgen? Balen, ik wilde lekker uitslapen. Als ik na een tijdje eindelijk de moed heb opgevat om door de luxaflex naar buiten te loeren, ontdek ik dat er helemaal geen schilder is. Wel staat er een auto bij de buren voor de deur. Buren? Buur? Ik heb geen idee. Er komt in ieder geval iets nieuws naast me wonen. Wie, wat en hoe is volledig onduidelijk. Het is niet meer zo gewoon om je voor te stellen kennelijk. Aan het lawaai te horen, gaan ze er in ieder geval iets moois van maken.

Ik sleep mezelf uit bed. Al dagen last van duizeligheid. Maar er moet nu toch echt iets gebeuren. Ik bewonder het kapsel dat deze nacht me heeft bezorgd, het is toch iedere keer weer lelijker dan gisteren. Mijn bruine kop doet zijn best om mijn witte tanden bloot te lachen naar de spiegel. Ik hoor de regen op het raam en voel het kippenvel op mijn benen. Ik ben weer thuis.

Hoe lang zal dit nog mijn thuis zijn? Het wordt steeds mooier, de tuin in netjes, de kozijnen glanzend wit. Mijn veilige haven in alle wilde stormen van de afgelopen jaren. Toch trekt het zuiden. Daar kan misschien onze veilige haven liggen. Maar wanneer neem ik die stap, durf ik het aan? Wat moet ik dan met mijn paleisje? Verkopen, verhuren? Het is te spannend. Eerst maar weer eens de was doen en de boel opruimen. Later neem ik wel eens een grote sprong. Nu maar kleine stapjes.

Britain's got talent

Het eerste nachtje in het hotel zit erop. We zijn gisteravond aangekomen, hebben wat rondgekeken, lekker gegeten en heerlijk geslapen. Jij staat met je warrige haar op het balkon en loert naar het zwembad. Het is nog vroeg en dus rustig. Toch liggen alle bedjes al vol met handdoeken.

Huh?

Ze bestaan dus echt, die vaders (natuurlijk allemaal uit Engeland) die 's ochtends in alle vroegte hun hotelkamer verlaten met hun armen vol badlakens. Stilletjes op rooftocht naar een mooi plekje aan de rand van het zwembad. 'Territorium'; dat woord komt bij me op. Ze willen hun territorium afbakenen. Oerinstincten spelen kennelijk ernstig op onder de Spaanse zon.
Waarom hebben jij en ik daar geen last van? Het is toch gewoon vakantie? Als er geen plaats is, hebben we pech. Maar er zijn zoveel bedjes, altijd plaats. Misschien dan niet rechtsvoor bij het fonteintje of linksachter, enigszins in de schaduw, maar overal lig je even lekker.

Engelsen, het is een bijzonder volkje. En dan bedoel ik niet de Engelsen zoals je ze gewoon ziet bij de BBC, maar de Engelsen op vakantie. Nog nooit heb ik zoveel plakplaatjes op één vierkante kilometer gezien. Namen, hartjes, roosjes, tribals, alles passeert de revue. Maar een stijlvol, origineel exemplaar? Nergens te bekennen...
En dan de klederdracht. Het moet een soort klederdracht zijn, want ze zien er allemaal hetzelfde uit. Te korte, te doorschijnende, te strakke kleding, waar aan alle mogelijke kanten vet en plakplaatjes onderuit puilen. En hakken waar je duizelig van wordt en waarop ze doodongelukkig door de niet zo mooi gestrate weggetjes van Spanje strompelen. Dat voor wat betreft de dames.
En de mannen? Die geven overal, op alle manieren uiting aan hun liefde voor de club. Welke club maakt niet uit, als je maar altijd in sporttenue en op sportschoenen loopt en een plakplaatje van je club hebt. Met een wapen van de club op je rug ben je pas écht DE man, en dan trek je dus bij iedere mogelijke gelegenheid geen shirtje aan.
Kinderen zijn nog een aparte categorie. Jongetjes zijn de kleine exemplaren van pa (als pa nog in de picture is) versierd met grote glimmende nepdiamanten in de veel te kleine oortjes en in het haar geschoren figuurtjes. Meisjes hebben veel te grote ringen in de oren en veel te blote hempjes, jurkjes of rokjes. En natuurlijk prop je die nog niet volgroeide voetjes in hakjes. Why not, darling?

Gelukkig was in elke kroeg en in elk restaurant avond aan avond te zien dat niet alle Engelsen zo zijn (al waren er ook wel een paar thuisgebleven). 'Britain's got talent' was elke avond te zien. Eerst de halve finales en toen de finale. Skitterende televisie, we konden er gewoon niet omheen. We waren er getuige van hoe Susan Boyle tweede werd. Een huisvrouw zonder plakplaatjes, met enorme wenkbrauwen en een soepjurk. Gelukkig zijn er dus ook zulke exemplaren in Engeland te vinden. Laten we daar een pint of beer op drinken! Somewhere on this planet it must be five o'clock ;-)

Woelige wereld

20 bij 45 centimeter ontvouwt zich een prachtig schouwspel voor mijn ogen... Ik word er stil van. Met mijn hoofd tegen het vliegtuigraampje gedrukt vraag ik me af waarom ik nooit eerder naar buiten durfde te kijken, laat staan bij het raampje zitten.

Met een brok in mijn keel en tranen die hun best doen om door te breken geniet ik van het mooiste plaatje ooit. En er gaat zoveel door me heen.
Prachtige bergen met witte toppen prikken de hoogte in en doen hun best de rozige wolken te raken. Een zonnige gloed geeft de wolken van bovenaf een wollige uitstraling, bijna suikerspinnig. Nare herinneringen overdekt met een zachte deken van geluk. Daar moet ik aan denken...

Als de wereld zo groots en mooi is, waarom laat ik mijn geluk dan nog beïnvloeden door dingen die ooit mis zijn gegaan? Waarom leef ik niet gewoon nu? Nederigheid en een onmetelijk besef van waar het om draait...mijn hart bonkt er van. Alsof alle geluk en al het verdriet in één keer door mijn aderen stroomt.

Stilletjes draai ik me om bekijk ik jou stiekem vanachter mijn veel te grote zonnebril. Verzonken in je boek, je haar in de war, een glimlach om je mond, je hand op mijn been, roze shirtje, rode neus, witte gympen. Schoonheid voor en achter me. Ik ben een rijk en gelukkig mens. Met jou kan ik die woelige wereld onder ons gemakkelijk aan.

dinsdag 26 mei 2009

Voor jou leave

Kijk omhoog naar de grijze wolken
Sta fier overeind
En voel de regen over je gezicht

Laat je tranen stromen
Blijf trots en dapper
En houd je hoofd omhoog gericht

Totdat de zon erop zal schijnen
je tranen verandert in zoute strepen
en je hart verlicht

Sip

Ik ben sip. En waarom nou? Ik zit toch heerlijk te werken? Ga morgen heerlijk op vakantie, heb allemaal leuke kleren gescoord, vanavond zie ik de man weer...niets te klagen toch? En al helemaal geen reden om sip te zijn.

Maar toch ben ik sip. Door herinneringen. Niet door het nu. Toch raar dat je eigen lichaam, je eigen hersenen, ertoe in staat zijn je gevoel te beïnvloeden in een richting die je zelf niet lijkt te kiezen. Of kies ik er zelf voor? Ik weet het niet. Maar ik accepteer het. Sip zijn hoort erbij. Zeker als je bedenkt dat alle nare dingen deze week een jaar geleden tot volle uitbarsting kwamen. Kennelijk is dit het moment om er nog eens bij stil te staan.

Dus dat doe ik. Sippig denk ik terug. En bedenk ik hoe naar het was om oma te verliezen en hoe goed dat andere verlies voor me is geweest. En voel ik de vraagtekens weer borrelen in mijn buik, waarom liep alles zo anders dan gedacht? Tis zoals tis.

Maar elke wolk heeft een zilveren randje. Dus ook mijn sippigheids-wolk. Het zilveren randje wordt gevormd door het besef dat ik sterker ben geworden en mezelf heb gevonden na een lastige tijd. Een belangrijk ander deel van het zilveren randje stapt morgen met mij in het vliegtuig om af te reizen naar zonniger oorden. Reken maar dat die paar kleine wolkjes die daar voorbij drijven een gouden randje hebben.

Een jaar voorbij... laat de toekomst maar komen!
Voel me nu toch ineens een stuk minder sip.